Informatie-uitwisseling in de zorg

Informatie-uitwisseling in de zorg

In het najaar van 2018 heeft ALLEGRO MEDICAL een serie kennissessies georganiseerd over diverse zorggerelateerde onderwerpen, zoals medicatie, dossiervoering, zorgadministratie, PACS en e-health. De kennissessie die ik – Denise – voor mijn rekening heb genomen ging over informatie-uitwisseling in de zorg. In dit artikel een korte uitleg over de achtergrond.

Iedereen is het erover eens: informatie-uitwisseling tussen zorgverleners onderling en met patiënten en hun mantelzorgers moet beter.

Patiëntenportalen en de persoonlijke gezondheidsomgeving

Een patiëntenportaal ligt in het domein van de zorgverlener, bijvoorbeeld een ziekenhuis. Via zo’n portaal kunnen patiënten hun dossier van een specifieke zorgverlener inzien. Ze zien daar medische en praktische informatie, zoals uitslagen en gemaakte afspraken.

Een Persoonlijke Gezondheidsomgeving (PGO) ligt in het domein van de patiënt. De patiënt heeft een eigen omgeving met informatie van meerdere zorgverleners. Ook kan de patiënt eigen informatie toevoegen, zoals thuismetingen. Op die manier heeft de patiënt alle zorginformatie op één plek.

Op 19 maart 2018 heeft minister Bruno Bruins aangegeven dat eind 2020 alle Nederlandse burgers over een PGO moeten kunnen beschikken. Hiervoor is het programma Medmij gestart. De ontwikkeling van PGO’s is geen overheidstaak, maar wordt overgelaten aan de markt. Deze ontwikkeling wordt gestimuleerd met een impulssubsidie ter hoogte van €160.000 per leverancier met een maximum van €4.000.000.

De voordelen van een PGO

In opdracht van het programma MedMij heeft Gupta onderzoek gedaan naar de voordelen van een PGO. Er zijn twee scenario’s onderzocht, beide bleken een positieve business case.

De kosten beslaan een eenmalige investering van €530 miljoen (ICT-aanpassingen, koppelingen en aanbieden), waarvan €440 miljoen in het eerste jaar. De jaarlijkse kosten beslaan €150 miljoen per jaar. In het onderzoek zijn de harde baten gedefinieerd. De zachte baten, zoals hogere kwaliteit van leven, positief effect op gevoel van zelfregie, minder verloren tijd in zorgprocessen voor patiënten, en minder onzekerheid, zijn niet meegenomen.

De harde baten op een rijtje:

  • Reductie van curatieve zorgkosten door minder doorverwijzingen naar de tweede lijn als gevolg van zelfmanagement. Uitgangspunt is dat na 10 jaar 60% van de chronische zieken zelfmanagement toepast en die leidt tot 25% reductie van deze kosten.
  • Reductie van langdurig ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid door toepassing van zelfmanagement. Uitgangspunt is dat een kwart van de chronisch zieken in zijn werkzame leeftijd arbeidsongeschikt is en dat dit met 25% gereduceerd kan worden.
  • Hergebruik van onderzoeksresultaten indien deze bekend zijn vanuit andere zorgverleners. Hierdoor worden onnodige medische onderzoeken voorkomen. Uit onderzoek blijkt dat ongeveer 15% van de medische onderzoeken onnodig en vermijdbaar is.
  • Voorkomen van ziekenhuisopnamen als gevolg van medicatie-interacties en bijwerkingen door beter inzicht in medicatiegebruik en effect. Ongeveer de helft van de geneesmiddelgerelateerde ziekenhuisopnamen is potentieel vermijdbaar.
  • Verhoging van therapietrouw door het ondersteunen van medicatie-inname.
  • Voorkomen van verergering van ziekte door thuismonitoring, waardoor verslechtering van het ziektebeeld vroegtijdig gesignaleerd kan worden.
  • Reductie van consulten door het toepassen van e-consulten en beeldbellen.

Bron: https://www.medmij.nl/wp-content/uploads/2017/07/Rapport-Gupta-Kosten-batenanalyse-persoonlijke-gezondheidsomgevingen.pdf

Een uniforme taal

Informatie-uitwisseling en PGO’s zijn nieuw in Nederland en kennen veel uitdagingen. Met name de ontsluiting van data uit de systemen van zorgverleners is een ingewikkeld vraagstuk. Systemen en databases zijn niet op dezelfde manier opgebouwd, wat problemen oplevert bij de uitwisseling van informatie. In het ene systeem kan de zorgverlener bijvoorbeeld bij geslacht kiezen tussen man, vrouw, meisje en jongen en in het andere systeem tussen man, vrouw, ongedefinieerd en onbekend.  Het laat zich raden dat als deze twee systemen met elkaar data uitwisselen dit niet automatisch op de juiste manier verwerkt wordt.

Het ontwikkelen van een uniforme taal is een van de doelstellingen van het programma MedMij. Dit programma bepaalt een afsprakenstelsel voor informatie-uitwisseling in de zorg. Het MedMij programmateam bestaat uit Nictiz (expertisecentrum e-health), ministerie VWS en Patiëntenfederatie Nederland. De stuurgroep wordt vertegenwoordigd door de leden van de informatieraad Zorg. In deze raad zitten onder anderen huisartsen, ziekenhuizen, apotheken en VVT’s.

Zorg Informatie Bouwstenen (ZIB’s)

Een onderdeel van de uniforme taal zijn de Zorg Informatie Bouwstenen (ZIB’s). Per bouwsteen is gedetailleerd vastgelegd hoe data moet worden geregistreerd.  Een voorbeeld is de ZIB Patiënt, waarin staat vastgelegd hoe we patiëntgegevens vastleggen, zoals naam, adres, geslacht en meerlingindicator. Meer informatie en voorbeelden zijn te vinden op https://zibs.nl/wiki/Patient-v3.1(2017NL). De ZIB’s komen voort uit het programma ‘Registratie aan de bron’ (opgezet door de academische ziekenhuizen) en komen nu in vele (overheids)programma’s terug. Zo stelt Medmij dat een PGO met het MedMij keurmerk moet voldoen aan de ZIB’s en zegt het Versnellingsprogramma Informatie-uitwisseling Patiënt en Professional (VIPP) dat eind 2019 de deelnemende ziekenhuizen minimaal 26 ZIB’s moeten kunnen aanleveren aan de patiënt.

De standaardisatie van medische informatie geldt niet alleen voor tekst, maar ook voor beelden. Ook de complexe materie van XDS is daarom kort aangestipt tijdens de bijeenkomst. XDS is een manier waarop ziekenhuizen onderling informatie kunnen uitwisselen.

Zijn PGO’s de toekomst, of weggegooid geld?

Tijdens de kennissessie hebben we uitgebreid gediscussieerd over het vraagstuk: zijn PGO’s de toekomst, of weggegooid geld? In een volgend artikel zal ik beschrijven hoe deze discussie verliep. In ieder geval erg leuk om dit samen met professionals uit het veld, inclusief een PGO-leverancier, te kunnen bespreken.

Denise van Gorp
Partner en projectleider
E: d.van.gorp@allegromedical.nl
T: 06 31 94 87 85

Maak anderen hierop attent:
Share on LinkedIn
Linkedin
Share on Facebook
Facebook
Tweet about this on Twitter
Twitter

Eén gedachte over “Informatie-uitwisseling in de zorg

Reacties zijn gesloten.